Jennesken van Puyflic

De hotemetoten uit Nijmegen zijn eindelijk vertrokken. Helemaal naar Frankrijk gekomen, omdat ze dachten dat er nog geld te halen was. Meester Paul en zijn broers zijn bezweken aan de pest. Ik ben nog steeds erg droevig, maar wilde toch getuigen dat Paul niemand iets schuldig is. Mijn erfenis zit in mijn hoofd en mijn handen, heb ik tegen de hoge heren gezegd.

Meester Paul heeft mij het wrijven van de verf, het snijden van de pen en het schrijven geleerd, zelfs wat Latijn. Op een dag heb ik bij het inkleuren bovenop een kasteeltorentje een kleine P getekend. Paul gaf me op mijn donder. Maar toen ik zei "Ik zeg wel dat ik heimwee had naar Puyflic" moest hij erom lachen. Er is natuurlijk geen Franse duuk die ooit van Puyflic gehoord heeft. Voor mij is het de P van Pol. Zo is het ons geheim.

En morgen vertrek ik zelf. Terug naar Numaga? Geen haar op mijn hoofd die daar nog aan denkt, nooit niet, jamais, numquammes… Wat denk je? De P van Parijs..!


...    We weten dat Jennesken uit Puifluijk kwam, want dat heeft de klerk die in 1419 het verslag maakte van de zaak over de erfenis braaf genoteerd. Wanneer de kleine Johannes geboren is, hoe hij bij Paul van Limburg terecht kwam en wat er van hem geworden is, weten we niet.

Detail van een afbeelding uit Très Riches Heures. Boeren warmen hun blote billen op een stoof. Klik op het plaatje voor een grotere versie.

Rond 1410 treden de Gebroeders van Limburg in dienst van Duc de Berry, een broer van de Franse koning. Daar tekenen ze miniaturen voor religieuze werken, de Getijdenboeken. Duc de Berry was erg ingenomen met het werk en spaarde kosten noch moeite om hen van onderdak en materialen te voorzien. De beroemdst boeken van de gebroeders zijn Les Petites Heures, Les Belles Heures en het onvoltooid gebleven Les Très Riches Heures. De hertog sterft in 1416 en kort daarna ook Paul, Herman en Johan. Waarschijnlijk als gevolg van een pestepidemie. Na de dood van de hertog raken de boeken in de vergetelheid. Pas in de 19e eeuw worden ze herontdekt. Het duurt nog langer voordat wordt ingezien dat Paul, Herman en Johan uit Nijmegen afkomstig waren.

De illustraties in de getijdenboeken zijn vooral religieus van inhoud, maar geven soms ook een beeld van het dagelijks leven van Duc de Berry en zijn omgeving. Een aantal van de voorstellingen waren in 19e eeuwse ogen zo vrijmoedig dat ze niet getoond konden worden of alleen in gekuiste vorm. Ook in de late Middeleeuwen was het ongebruikelijk om mensen open en bloot weer te geven en daarom worden de Gebroeders van Limburg wel gezien als voorlopers van de Renaissance.

Wist je dat...   Onze opvattingen veranderen in de loop der tijd en daarmee onze manier van kijken. Dat verklaart misschien waarom de tekeningen van de Gebroeders van Limburg ook nu nog tot nieuwe ontdekkingen en inzichten leiden. Dat Duc de Berry een voorkeur had voor wat ruige jongemannen was vroeger onbespreekbaar, maar is inmiddels algemeen bekend. Dat de Gebroeders van Limburg bij sommige tekeningen ook rekening hielden met de voorkeuren van de hertog is nog steeds zeer omstreden.

Detail van een afbeelding uit Très Riches Heures. Nieuwjaar wordt gevierd met Duc de Berry achter de tafel. Klik op het plaatje voor een grotere versie.

opdrachten

   Bekijk de grote afbeelding van de boeren die hun billen warmen. Hoe wordt dit plaatje acceptabel voor 19e eeuwse opvattingen?

   Though did dwell hours, bereft that sap distillation walls unfair, substance very not leaves unfair remembrance gone with. Those him, there walls lovely fairly leads meet a distill'd unfair dwell, meet and play where and.

   De naar voren stekende voorwerpen aan de gordel van enkele bedienden zouden de lemmet van een dolk zijn. De bijna verborgen figuur met 'sluier', links achter de grote grijze hoed, is volgens 19e eeuwers de vrouw van Paul van Limburg (die hij cadeau -!- kreeg van de hertog). Nu denkt men ook wel dat het een zelfportret van Paul is. Wat te zeggen van een hof zonder vrouwen. Hoe interpreteer jij deze voorstelling?

verder lezen